BelgiŽ

 

SCHETS

BelgiŽ vandaag is het land van goed leven, van taalstrijd, van Europa, een kleine staat met een Bourgondische, relativerende levensstijl.
Maar in 1914 was BelgiŽ een van de rijkste landen ter wereld, een toonbeeld van welvaart tussen de 2 aartsvijanden Frankrijk en Duitsland. Politici van alle omringende landen hadden haar neutraliteit gegarandeerd, maar als de lont in het kruitvat zou gaan, wist BelgiŽ een ding zeker; het zou op de route tussen beide kemphanen liggen.

BelgiŽ werd het kind van de rekening en zou volledig leeggeroofd, in puin en straatarm in november 1918 door de Duitse bezetter worden verlaten.
Het zou er decennia over doen om weer enigszins op te krabbelen. 36.000 Graven, een land vol littekens, de Westhoek verzopen en vernield, en de natie verdeeld door een bezetter die Walen en Vlamingen uiteen probeerde te drijven.

BelgiŽ had alleen nog haar trots; de trots die in de mythe van "Brave little Belgium" nooit is overdreven en waarvan de Duitsers 4 jaar lang elke dag de druk voelden en last hadden.


BelgiŽ met de frontlijn begin 1915.


TOEN

Al in het eerste decennium van de twintigste eeuw was voor de goede luisteraar volstrekt helder dat BelgiŽ in een aanstormende oorlog niet te vast hoefde te rekenen op haar neutraliteit. Net als Nederland en Zwitserland zorgden de Belgen er minutieus voor naar alle partijen ook neutraliteit te propageren en uit te stralen. Niet teveel wapengekletter, zorgvuldig gebalanceerde staatsbezoeken, economisch even stabiel beleid; er moest geen enkele aanleiding zijn voor de grote buren om BelgiŽ in een conflict te betrekken.

Helaas had Duitsland al voor 1910 een strategie uitgestippeld (het Schlieffenplan) waarbij de belangrijkste Duitse troepenbewegingen door BelgiŽ zouden leiden. Keizer Wilhelm II was niet te beroerd er regelmatig openlijk op te zinspelen, om daarna krachtig te ontkennen.
Toen eind juli 1914 alle bilaterale verdragen in Europa  massale mobilisaties tot gevolg hadden, trok Duitsland (onder het voorwendsel dat Frankrijk op het punt stond hetzelfde te doen) BelgiŽ binnen.

 


Punch zag het dappere BelgiŽ zo, zomer 1914

Even leek het alsof het machtige Duitse leger zich verslikte in fortenstad Luik, maar de stoomwals was spoedig in Brussel en belegerde ook de vesting Antwerpen. Al tijdens die opmars was terreur een belangrijke component van de Duitse aanpak.
Enkele schermutselingen gingen de geschiedenis in, zoals de Slag der Zilveren Helmen, maar enkele weken later stonden de Duitsers al aan de Marne. Door een paar Duitse stommiteiten en goed geallieerd werk ontstond in november de loopgravenlinie, die nog slechts een kleine driehoek van BelgiŽ bevatte: de Westhoek. (zie: Vlaanderen & De Ieper saillant ) Antwerpen ging ook verloren en het garnizoen, onder leiding van koning Albert,  wist zich achter de IJzer met grote moeite, en met behulp van het zeewater, te handhaven.

Vier jaar hielden de Belgen, geholpen door Fransen en Britten, de wacht aan de IJzer. In september 1918 tenslotte braken ze uit en achtervolgden de Duitse bezetter totdat deze op 11 november een wapenstilstand tekende.

BelgiŽ, ondervoed, deels vernield, ontdaan van fabrieken, grondstoffen en arbeidskrachten, likte haar wonden. Hoewel het verdrag van Versailles nog een halfslachtige poging deed BelgiŽ te compenseren kwam daar in de praktijk niet veel van terecht. Claims om delen van Nederland in te lijven kregen geen gehoor. 


Belgische graven in de Westhoek, waaronder een heldenhuldezerk


NU

Voor veel Nederlanders is BelgiŽ tegenwoordig het land waar je doorheen raast richting Frankrijk. Het is allang niet meer de industriŽle grootmacht van 1914 en het land is letterlijk en figuurlijk verdeeld in taal en cultuur.  Toch is het, zoals gelukkig ook velen weten, een heerlijk land, waarvan de inwoners weten wat relativeren en genieten is, waar men goed eet en een goed gebrouwen glas niet schuwt. Het is een mooi land, van de groene Ardennen tot de kust met haar trammetje en fraaie badplaatsen.

De littekens van de Grote Oorlog zijn nog zichtbaar, vooral in de Westhoek met de vele begraafplaatsen en eentonige jaren '20-bouw. Maar ook elders, rond Luik en in vele andere steden en dorpen herinneren forten, monumenten en plaquettes aan strijd, terreur, helden en verzet. Twee wereldoorlogen lopen vrijwel overal door elkaar, alsof het land dertig jaar achtereen in oorlog was. In sommige opzichten was dat ook zo.

Als zetel van Europa en grensgeval in de taalstrijd ligt in het hart van BelgiŽ Brussel; het grootste kantoor van de Europese Unie. Het is meer dan symbolisch dat de EU, de beste garantie voor Europese vrede en voorspoed, in Brave little Belgium een huis heeft gevonden.
 


-
-

Home